Even zeuren over iets volstrekt lokaals. Zoals elk jaar is er weer traditioneel heibel over de afwikkeling van de zomerfeesten. Iedereen die een evenement organiseert betaalt mee, maar kennelijk is dat niet adequaat proportioneel verdeeld. De kleine podia, waar een kleine doelgroep op af komt, betalen evenveel precario-rechten als de grote podia waar de hoofdmoot van het anderhalf miljoen grote publiek op af komt. De organisatie doet het af met : gelijke monniken, gelijke kappen, en stelt dat er twee soorten publiek zijn. De 'Waterkwartierders', mensen uit de oude volkswijken die het met een Frans-Bauer-coverband ook heel gezellig hebben. En de 'mensen uit Oost', die allen even goed bemiddeld en zwaar geletterd zijn en dus voor hun elitaire vermaak hogere eisen stellen. Een volledig absurde karikatuur en bovendien gefingeerde tweedeling. De organisatie zegt eigenlijk tegen die podia, die wat meer risicos nemen en wat avontuurlijker programmeren, dat het hun suffe eigen schuld is als ze niet uit de rode cijfers komen. Je geeft het dus maar op of je conformeert je aan de eenheidsworst. Want dat levert wél geld op en tenslotte gaat het daar uiteindelijk om. De Affaire, een ondertussen zelfstandig onderdeel van de vierdaagse-feesten, is een paar jaar geleden als beste nederlandse festivalinitiatief geprezen; hoge culturele waarde en goede sfeer. Kwaliteit dus, de organisatie van de zomerfeesten is echter alleen maar uit op kwantiteit, trots op de hoogste bezoekers-aantallen in de EU, en wil zelfs deze massale kermis nog verder uitbreiden, want er zijn nog pleinen over die nog niet gebruikt worden.... Zoals elk jaar, vaste prik in de weken nadat de opruimploegen eindelijk klaar zijn en de groenvoorzieningen weer opnieuw worden aangelegd in Nijmegen's parken en ringwegen, is de discussie opnieuw losgebarsten over de feest-lokaties van volgend jaar en ik houd mijn hart vast. Wellicht anticiperend op een faillissement van de Affaire willen ze nu 'nog meer van hetzelfde' op nieuw in te richten evenementenpleinen in oa.het Kronenburgerpark en Lent. Het moet namelijk allemaal nog meer groeien, en waarom dan niet nog zo'n dertien in een dozijn programma op ons kleine marktpleintje, met 'voldoende parkeermogelijkheid' in de nieuwe wijk. Dat er ook nog mensen wonen in zo'n stad is eigenlijk een hele week lang een off-topic, dit zijn namelijk 'leuke dingen voor de mensen' en diegenen die er last van hebben gaan maar een week op vakantie, naar verluidt. Mensen klagen echter al lang niet meer over overlast, wel over de bagger die ze een week lang moeten aanhoren, een kakafonische muur van geluid die vanuit de stad over de uiterwaarden dendert. Op dit moment bevindt Habana zich al op de Lentse oever, maar dat is nu juist één van die podia die meer betalen dan er binnenkomt, en waar het overigens wel goed toeven is. Meer van dit soort plekken, in deze verder infernale week, juich ik zelfs toe. Maar ik ben dan ook 'zo'n elitair schepsel uit Oost' (gezien mijn podiumkeuze) al heb ik daar nooit een huis gehad en heb ik zelfs elf jaar gewoond in het Waterkwartier, go figure...
Mensen zijn zestig jaar na 'de oorlog' nog steeds extreem gevoelig voor alles wat hen er aan doet denken. Ik vraag me wel eens af wat de zin of de onzin van die gevoeligheid is, of meer nog, of ik het eigenlijk gerechtvaardigd vindt. Want wie mag die gevoeligheid bijvoorbeeld eigenlijk nog hebben? Moet je er bij geweest zijn of een nazaat van een direct betrokkene, heeft het met culturele achtergronden te maken, of wellicht toch meer met universele politieke voorkeuren? Ik weet alleen dat diezelfde gevoeligheid voor velen kennelijk geen probleem is, wanneer er op het journaal weer eens een item is over de verschillende 'opbouwmissies' waar we onze kinderen naar toe sturen. Hetzelfde geldt overigens voor iedere advertentie die we tegenkomen voor onze krijgsmacht, waarin ons steeds weer wordt verteld dat het gewoon een goede baan is, net als andere banen. En aan dit bedrog maakt elke overheid wereldwijd zich schuldig. Een vriendin komt regelmatig op een burcht in Duitsland met een interessante geschiedenis. Elk jaar vindt daar een europees/internationaal festival plaats waar mensen met muziek, dans en discussies nader tot elkaar proberen te komen. De oprichtster van dit festival is iemand die vroeger bij de Hitlerjugend zat, zoals iedere andere keurige Duitse jongere die deed wat zijn of haar ouders zeiden. Na de oorlog kwam het besef dat ze was verraden door de vorige generatie, dat ze was gebruikt voor een ideaal dat geen ideaal was, maar gewoon een leugen. De leugen dat verschillen tussen volkeren oorlogen kunnen rechtvaardigen. Het festival viert derhalve ieder jaar alle verschillen tussen culturen, maar de bezoekers gaan tegelijkertijd heel bewust op zoek naar internationale solidariteit, opdat nooit meer, nooit meer.... Aan de voet van de heuvel, waar deze burcht op gebouwd is, ligt een ere-veld voor duitse gevallenen en mijn vriendin is daar vorige week met een groep Israëlische jongeren geweest om een krans te leggen. Jonge mensen die de tweede wereldoorlog niet hebben meegemaakt. Ontroerend was dat deze jongeren alleszins bereid waren vooral naar de toekomst te kijken, wrang dat een groot deel van hen over twee jaar het Israëlische leger in moet, en een uniform aan krijgt gemeten met alle gevolgen van dien... Ander conflict, dezelfde leugens. Jongeren vragen zich niet elke dag af wat er klopt van alle informatie die al vanaf je derde aan je wordt voorgeschoteld door leraren, politici, je ouders en allerlei andere gezagsdragers. Ook al hebben ze ongetwijfeld zo nu en dan in de gaten dat alle mensen in principe op elkaar lijken en door dezelfde basis-behoeften gedreven worden.
Ik doe vooralsnog toch mijn uiterste best mijn kinderen in ieder geval te doordringen van het gegeven dat geen enkel land het waard is om voor te sterven, dat grenzen eigenlijk vooral in de hoofden van mensen bestaan en een nationaliteit maar een 'idée fixe' is... Een generatie die alles voorkauwt en jou constant voorhoudt wat je moet voelen en denken, nodigt natuurlijk uit om een gezond wantrouwen te koesteren tegen allerlei al te stellige opvattingen. Maar dat betekent tegelijkertijd dat wanneer ik mijn kinderen constant confronteer met dit soort ideeën... Ik krijg misschien, door hardop al deze vragen op te werpen, veel te eigenwijze en kritische kinderen. Met wat geluk.
Ik kreeg een sms met de mededeling: "Ben nu in Bouillon. Goed geslapen, goed ontbeten, motor rijdt prima!...". Dus ik ging eens zien wat mijn lief ziet. Best wat haarspeldbochten, riviertjes, heel veel naaldbomen en kleine slaperige stadjes met grote burchten op de heuvels. Het ernaartoe rijden is duidelijk onderdeel van de reis, niet alleen het aankomen was belangrijk. In Bouillon staat de burcht van Godfried, zijn vakantiehuis dat hij aan het bisdom Luik verkocht om zijn kruistocht te kunnen financieren. La Roche ligt er bij als een slaperig wijn-stadje aan de Moezel... Pittoresk noemen ze dat geloof ik. Dat was zestig jaar geleden (mompelt de historica in mij) wel anders. De hele streek heeft namelijk forse klappen gehad tijdens het ardennen-offensief: Op 16 december 1944 begint, in de mist en de koude, het Von Rundstedtoffensief, later de Slag om de Ardennen genoemd. Op 20 december 1944 wordt La Roche ingenomen door de 116de Panzer division die gebruik maakt van de nog intacte bruggen om de Ourthe over te steken. Ze heeft als doel de Maas over te streken en Antwerpen met zijn haven te bereiken. Vanaf 26 december 1944 klaart het weer op en wordt La Roche gebombardeerd door de geallieerde luchtmacht. 114 burgers komen hierbij om het leven. Meer dan 90% van de stad wordt verwoest. Op 3 januari 1945 beginnen de Geallieerden, in de koude en de sneeuw, hun tegenoffensief. Op 11 januari wordt La Roche bevrijd door de Schotten van de 51st Highland Division (Black Watch) en de voorhoede van de 84th US Infantry Division (The Rail Splitters). Het Ardennenoffensief eindigt op 28 januari 1945. klik België heeft alles weer opgebouwd, daar waar een stad als de onze zich verloor in het zichzelf vooruitstuwen naar de nieuwe tijd, waardoor alles op elkaar lijkt. Hoe dat zit met België en het laten verdwijnen van sporen van oorlogen is me ondertussen wel duidelijk. Je verlangt simpelweg terug naar de tijd waarin je je niet kon voorstellen dat zoiets ooit zou kunnen gebeuren, en wilt dat ook tastbaar maken. Daar doet alles oud, beetje over de datum maar authentiek, aan. De zon schijnt, en het gezelschap en eten is goed. Met al die haarspeldbochten en dunbevolkte gebieden zal het allicht een goede road-trip zijn. Zelfs ik, die niet meerijdt, vindt het vanaf hier mooi...
Ik weet dat het de compensatie is tussen een negatief geladen en een positief geladen deel van een wolk, en dat dit zo snel gaat dat er elektriciteit bij vrijkomt. Ik weet dat de donderslag de geluidsgolf is die ontstaat door het uitzetten van warme lucht. Het begint heel klein, maar wordt heel groot. Ik weet, maar begrijp niet. Het blijft abstract, en daardoor nog net zo fascinerend als toen ik zes was. Ik ben nooit bang geweest voor onweer, daar waar ik het misschien vaak wel had moeten zijn. Ik bleef gewoon zwemmen, als de anderen het water uitgingen ging ik er juist in. Lekker rustig. Zo'n groot jaren vijftig zwembad in een open veld, weinig bomen, geen hoogspanningskabels in de onmiddellijke nabijheid, op een heuvelrug met uitzicht over het dorp en de volgende heuvelrug. Hoogste punt. Het zwembad staat al jaren leeg, het witte terras met palmbomen is gedeeltelijk omgevormd tot een biker-kroeg met een kleine camping op de plek waar je vroeger kon midget-golfen... Ik kijk nog wel eens door een gat in het hek en zie dan de lange rij met omkleed-cabines en douches, het vijftig meter-bad met duikplank en kleine glijbaan, het kleinere oefenbad en het plonsbadje met de paddestoel in het midden en het lijkt allemaal zoveel kleiner dan in mijn herinnering en ik voel me opeens stafoud. Maar ik weet nog precies hoe het voelde om daar met donder en bliksem te zijn. Omdat ik onweer kennelijk niet zo goed begrijp zag ik er ook geen gevaar in, alleen maar de schoonheid van zo'n 'perfect moment in time'. In het water duiken, water dat even later bijna rimpelloos was omdat ik heel stil bleef liggen in het midden van het vijftig meter bad, onder een donker antraciet-kleurige lucht, waar dan een barst in kwam, paars of geel, gevolgd door een aanzwellend gebulder of domweg een korte oorverdovende knal. Iedere keer als de lucht donkerder wordt dan de normaal donker tegen de lucht afstekende, maar nu opeens met een metalige glans oplichtende antennes, daklijsten of hijskranen om me heen, begin ik me te verheugen op zwaar weer, als een klein kind. Ik voel de ontlading vaak. Als een kleine drukgolf, of een licht geknetter achter in mijn hoofd of aan mijn slapen. Ik beeld me soms zelfs in dat ik het kan ruiken wanneer de bliksem de grond raakt en ergens contact mee maakt. Als ik op het balkon zat, en mijn moeder ondertussen alle elektrische apparaten uitschakelde en mij verbood de telefoon te gebruiken, was dat spannender dan een enge film. Even later kwam mijn moeder met een beker chocomel voor ons allebei naast me zitten. Dat we samen bijna het hoogste punt op de flat waren deerde ons niet. Wij genoten van het schouwspel van de bliksem die op die hoogspanningsmast op de heuvel voor ons insloeg, en over de lengte van de kabel 'ricocheerde', om vervolgens de grond in te slaan. En dan wachten op de geluidsgolven die aan alle kanten door de heuvels werden weerkaatst. Wie wil er dan slapen?
Ik had een hele tijd terug beloofd deze door te sturen; You know who, if it concerns you... De email 'bouncte' en nu deel ik hem maar op deze manier, met iedereen.
Eigenlijk was ik helemaal niet echt in de stemming. Koud, rillerig, en moe. Maar het is zo'n moment waarop je niet weer degene wilt zijn die saai thuis blijft. Bovendien weet je meestal dat je als je er eenmaal bent, het eigenlijk toch heel erg fijn is om daar te zijn. Dus toch op de fiets naar het Waalstrand. Ik had minstens een uur en een biertje nodig om een beetje te acclimatiseren. Veel mensen die ik zou moeten kennen, maar omdat ik niet meer zoveel onder de mensen kom kende ik ze niet, zelfs niet sommigen die mij wel leken te kennen... Diana Ozon liep rond, die herkende ik dan wel weer, maar die kent mij natuurlijk niet. Habana is een jaarlijks fenomeen, waarop je iedere keer weer denkt dat er verdorie nu eens iemand de moed zou moeten hebben om er permanent een strandtent neer te zetten, ook buiten de vierdaagse feesten om, het is tenslotte een stads-strand. "Zie je wel, is eigenlijk toch leuk hier!" dacht ik nog... Na het eten splitsten we op. Ik liep, min of meer om op te warmen, een tentje in en daar zat een man, Niels Duffhües, piano te spelen. Een cello zette in, een paar violen, en ik was verkocht. Er komen af en toe wél mooie dingen uit Oss, waarvan akte.
Buiten regende het en er was een regenboog, kwam mijn zoon melden. Na afloop staat mijn dochter bij een andere tent in de regen. Ze had gedichten staan luisteren. Ze wilde weer eens geen jas aan, en heeft het steenkoud, maar staat braaf te wachten tot Diana Ozon klaar is met een interview...
Zodra ze kans ziet sprint ze dan ook het podium op en begint een geanimeerd gesprek met iemand die ik alleen van televisie ken. Ze weet een dichtbundel los te troggelen met een opdracht, de auteur is verrast en uiterst aimabel, en de avond van onze dochter is gemaakt. De hele weg naar huis jubelt ze over het kapsel van de dichteres, en dat ze zo lief lachte en dat het zo vet cool is dat ze een gesigneerde dichtbundel heeft van een echte beroemde schrijfster... Thuisgekomen google ik op de zanger in het tentje. Oha!
Dat verklaarde het warme, sonore en ietwat melancholieke stemgeluid van deze meneer! En ik, imbeciel, had eigenlijk thuis willen blijven... Dat zal me definitief leren.
Ik ben noch van de betreffende generatie noch in de gelegenheid geweest om het te verhinderen en dat zal voor de meesten van ons gelden. Maar als onze overheid met een bestraffend vingertje op het verleden van andere landen wijst, mag ze een keer verplicht naar het museum. Het hoofd van een Ghanese koning gaat ondertussen terug naar de rechtmatige afstammelingen. Het zou ondenkbaar zijn dat er ergens op de wereld een Oranje op sterk water staat, maar wij vonden onze eigen cultuur kennelijk zo verheven dat we met andere culturen omsprongen alsof het een rariteitenkabinet betrof. Freakshow. Een leerling van mij had dit als onderwerp voor zijn PO, en hij had op een gegeven moment de conclusie getrokken dat je eigenlijk niet moest proberen om je eigen historie weg te poetsen door te proberen dit soort dingen goed te maken, wat spullen terug te geven, een keer sorry te zeggen en daarmee de geschiedenis als het ware te vervalsen. Hij wilde best dat hoofd teruggeven, dat gunde hij de achterkleinkinderen van Badu Bonsu ll wel, maar je moest wel duidelijk blijven maken, op allerlei mogelijke manieren, dat ook dit, het schofferen van andere culturen, een integraal onderdeel is van je erfgoed. Een verstandige jongen, onthutsend eerlijk ook, en ik ben het hartgrondig met hem eens.
Helemaal niets wat ik moet doen, dus veroorloof ik me de luxe van op achterlijke tijden films kijken. En daardoor vandaag twee keer de gelegenheid om een film te zien waarvan ik weet dat hij me deprimeert, maar waarvan je niet kan zeggen dat het een slecht verhaal is. Bovendien: Woord van de Dag: dystopie. Het is ook best een goed boek, ook al kwam ik maar moeizaam aan het einde. Een verhaal waarin semantiek centraal staat blijkt me toch te intrigeren. Taal is een machtig wapen... Maar wat ik ook een sterke vondst van de schrijver vindt is dat van die kamer waarin mensen worden ge-reset, met angst, datgene wat voor iedereen anders is. De BBC had er ooit een goede draai aan gegeven, aan zo'n fictieve kamer, waar je naar binnen wordt geloodst, maar nooit meer (hetzelfde) uitkomt... Bekende, vaak geestige mensen mochten de, door hun meest verfoeide, dingen door een luik laten vallen in de kelders van de omroep, om hopelijk nooit meer weer gezien te worden, wellicht om in iemand anders zijn boze dromen te gaan figureren. En de meest uiteenlopende zaken werden, voorzien van uitleg, verbannen naar kamer 101. Ik heb al heel vaak lijstjes lopen maken, met vijf items die de kamer in mogen, maar mijn lijstje verandert wel steeds per poging. De meest recente behelst religieuze leiders/fanatieke populisten (same thing), te (w)arme landen, postmoderne beeldende kunst (architectuur echter uitgezonderd), stapels papier die niet weg mogen en tuinbonen.
De relatie is officieel volwassen, een week alweer. Volwassen relaties zijn natuurlijk onzin. Het is het soort volwassenheid als van iemand die net zijn rijbewijs heeft gehaald, maar gewoon nog thuis woont en niet weet wat er gestudeerd moet worden, zo net na de havo.... Officieel volwassen maar nog steeds geen idee. Ik heb nog nooit een definitie gehoord van een volwassen relatie, of het moet zijn dat je dan beter weet hoe je het hebben wil, zo met trouw, trouwen en trouweloosheid... Dat het volwassener is om samen op een bank een goede film te kijken, in plaats van met een pil in je mik op een strand te staan dansen tot het ochtendgloren op vervelende housemuziek. Weet ik veel, volgens mij is het allemaal onzin. Als jij nog steeds niet weg wil, en hij is er ook nog steeds, zegt dat dan wat? Misschien zit het in het volwassen zijn, om een volwassen relatie te kunnen hebben, ook daar zie ik wellicht een probleem aangaande mezelf. Volwassenen praten veel, misschien is het dat, maar dat klinkt ook verrekte saai... Altijd met elkaar bezig, altijd met wij, ons....altijd van die goede gesprekken, altijd evalueren. Geloven we allebei niet in, dat is fijn, in ieder geval iets gemeenschappelijks. Bestaan perfecte relaties? Vast, ik heb er ooit wel eens wat over gelezen, en ik geloof ondertussen niet dat ik er zo een zou willen hebben. Je bent blij met elkaar of even niet, ik denk er eigenlijk ook nooit over na wat dat dan betekent. Je moet volgens mij vooral niet gaan vergelijken. Of je moet eerst verdomd goed nadenken over hoe dat ook al weer zat met die verschillende kleuren groen van het gras bij jou of bij de buren aan de overkant, de kans is namelijk groot dat er geen of weinig verschil is. Voor wat het waard is, we zijn achttien jaar verder en we kunnen nog steeds geen definitie geven van wat het betekent, of wat het allemaal bijelkaar houdt. Maar wel weet ik nog precies waarom ik toen met hem in de achtbaan stapte.
...heeft na lange tijd weer wat meer muziek van zichzelf en samen met anderen op het web gegooid. Erg aan te bevelen bij iedereen die niet van hapklare brokken houdt. Er staat hier in de buurt ook al wat van hem (rechtsbeneden, filmpje). De formatie Two Pin Din treedt niet vaak op, maar ik heb ze nu al twee keer weten te missen dit jaar, hoe slecht kan mijn timing zijn. Maybe next fall... Ondertussen doe ik verwoede pogingen om te wennen aan stress-vrije vakantieuren. Uren, dagen, weken zelfs waarin ik alleen maar hoef na te denken over wat ik wil eten vandaag. Teveel tijd eigenlijk om na te denken, dat dan weer wel, maar dat is een luxeprobleem waar mee ik mensen liever niet treiter. Ik heb er maanden naar uit gekeken, en nu is het opeens zo ver en ik weet niet goed wat ik moet voelen, het voelt een beetje onfatsoenlijk, de hele dag niets doen. Niets doen en geen mensen zien. Het voelt alsof ik me verstopt heb, een beetje alsof ik spijbel... Dus maak ik maar allerlei geluiden en draai harde muziek. En schrijf veel, dan lijkt het net alsof ik iets nuttigs aan het doen ben.
Even mocht het licht uit. Ik zat in een friese oase, met zeer goed gezelschap, alles klopte en ik had het gevoel dat de wereld even heel ver weg was en zo was het goed. Dit soort weekenden zijn om te koesteren, zeker als je ook nog eens nieuwe ervaringen opdoet. Ik houdt van het opdoen van nieuwe ervaringen, ook als het hele kleintjes zijn. Absynthe was iets dat ik nog nooit gedronken had. Tenminste, het is om te drinken, je kunt er ook dingen mee steriliseren en schoonmaken volgens mij. De groene fee, of een rode in dit geval, heeft mensen tot fenomenale kunst geïnspireerd. Ernest Hemingway, Arthur Rimbaud, Vincent van Gogh, Paul Verlaine...allemaal hebben ze de mooiste dingen gemaakt onder invloed. Absynthe is een ingewikkeld drankje dat groene anijs, venkel, hyssop, bijvoet, griekse oregano, steranijs, melisse, kalmoes, majoraan, coriander, pepermunt en ereprijs kan bevatten. Op die manier drink je zowat een hele kruidentuin, en dat verraadt een zeker medicinaal doel dat zichzelf voorbijstreefde. Zoals met alle medicijnen ging het al snel mis en voordat je het wist had men het hallucinerende effect ontdekt waarmee het spul je de gelegenheid gaf om de realiteit te ontvluchten. Er ontstonden hele rituelen rondom het drinken van absynthe, en net als opiumkelders ontstonden er nu ook exclusieve absynthe-cafés waar je soms alleen binnen kwam met connecties. Je was uiteraard geen ordinaire junk, je was een artisiteke bohémien die zich in goed gezelschap wilde weten. Ok, het liep niet altijd even goed af met deze genieën. Van Gogh kreeg een psychose en sneed zijn oor af, Verlaine dronk zich letterlijk dood met een fles onder zijn kussen, Rimbaud stopte op tijd maar werd soldaat in het nederlandse (!) leger waar hij stopte met dichten en syphilus opliep, en Hemingway..... dronk het gewoon graag, zijn zelfmoord had er niets mee te maken naar verluidt. Misschien allemaal mythevorming, maar ik wil het eigenlijk helemaal niet weten. Ik had toch het gevoel dat ik iets bijzonders dronk. De speciale lepel die gebruikt wordt om de drank door een suikerklontje in te gieten alleen al vond ik prachtig. Alchemie. Zodra je er ijskoud water op gooit wordt het rode doorzichtige spul amberkleurig en de geur van anijs is onweerstaanbaar. Als je de experts moet geloven is het gewoon alcohol. En je wordt uiteraard dronken als je een bierglas vol met een percentage van 75% drinkt. Maar ze zitten er helemaal naast. Absynthe is niet zomaar alcohol. Kan niet. Het is voor mij gewoon nog steeds het spul waar fabels en dromen van worden gemaakt. En ook al had ik maar drie slokjes op, ik zweer dat ik dingen zag die niet helemaal konden kloppen. De anderen zagen ze echter ook...
Precies op deze dag, maar dan vijf jaar geleden, schreef ik de volgende blog: posted by Strangebrew at Friday, July 09, 2004 Here I go! Het is een feit, ik heb nu een "blog" en ik weet niet hoe die werkt....Ik kan er opzetten wat ik wil, maar kan het er ook weer af? En wie leest het? En waarom zou ik deze bizarre vorm van exhibitionisme eigenlijk cultiveren? Wat wil ik ermee? Ventileren. Archiveren.(Klik voor het hele stuk...) Dit is dus mijn lustrum, vijf jaar in deze virtuele toren van Babylon, dit wereldwijde web. Toen vond ik dat heel spannend, zo'n eerste blogbericht en dan gewoon kijken wat er gebeurt... Ik dacht eerst nog "Er gebeurt helemaal niets, wedden?" Ik ging ervan uit dat in die enorme brei van kreten op weblogs, fora, en nieuwsgroepen ééntje meer of minder toch helemaal niet op zou vallen. Ik wist niet eens precies waarom ik de mijne er persé aan toe wilde voegen, het was al zo'n kakafonie... Ik dacht dat ik me daar geen zorgen over hoefde te maken, er zou toch nooit iemand zijn die mij zou vragen waarom, hoezo, met welk doel. Ik merkte pas later dat de meeste mensen die schrijven zich dat inderdaad ook niet afvragen, het is een vorm van ademhalen, en daarbij realiseer je je op een gegeven moment ook dat je er meestal niet bij stil staat waarom, hoezo, met welk doel... Je schrijft het op, je drukt op een knop en het is weg. Los. Vrij. Ik dacht nog "Zoiets valt vast in een diep, diep gat, waar de bodem nog maar net van bedekt is met de naar beneden dwarrelende letters van al die miljoenen berichten die er elke dag wereldwijd geschreven worden..... Dus daar ga je vanuit en dat is goed zo. En je doet het; je schrijft datgene wat de hele dag hinderlijk klem in je strot zit op, je drukt op die knop en het is inderdaad weg. Los. Vrij. Alsof je een heel dun rijstpapiertje pakt, daar met vulpen iets op schrijft, en het vervolgens los laat in die harde wind die vlak voor de regenbui alles uit elkaar veegt. Stomverbaasd was ik dat iemand toch in staat is om, ogenschijnlijk met het grootste gemak, zomaar onder het lopen, in die wind dat rijstpapiertje uit de lucht te plukken en zowaar, na zelfs een paar flinke regenbuien, mijn woorden nog kan vangen. En er kwam dus een bericht terug, en nog één, en verhip, nog meer.... Vijf jaar later gebeurt het nog steeds en eigenlijk blijf ik me daarover verbazen. Wonderlijk eigenlijk hoe dat werkt.
Dit weekend staat weer in het teken van muziek. Zaterdag zijn er veel bands tegelijk die ik wil zien. Zondag is er maar één band die ik wil zien. Ondertussen hoor ik dit als ik autorijd.
Nog één avond werken, straks, en dan begint mijn zomer.
Na het eeuwenlang heffen van tienden op oogsten, hoge belastingen innen voor de klooster en kerken-bouw, mijn-exploitatie en de daarbij horende onderdrukking van laaggeschoolde arbeiders, handel in contact-relieken, en het op kruistocht sturen van miljoenen devote ridders en burgers uit winstbejag, komt de paus met een nieuwe encycliek. Ge-updatet naar helemaal van nu, en op het eerste gezicht een charme-offensief waar over nagedacht is. Sinds de tweede wereldoorlog legt de katholieke kerk de nadruk vooral op liefdadigheid, en dat is bij deze weer eens benadrukt. Klik op deze tekst voor grotere letters... Moeten we het zo zien dat we het Vaticaan de kans moeten geven om zijn fouten uit het verleden te adresseren? Als zwaar afvallige katholiek hoef ik, zo heb ik besloten, niet wakker te liggen over deze encycliek. Maar ik moet toegeven dat mijn sarcasme ernstig opspeelt...
Het blijft een bizarre vertoning. Je kijkt er naar en toch doet het niet denken aan de momenten waarop je zelf afscheid moest nemen van mensen. Ik heb geen dierbaren die in gouden kisten in grote stadions worden gehuldigd, als persoonlijkheid in plaats van persoon, maar dat is het niet waardoor ik me er niet mee kan identificeren. Terwijl het meestal zo werkt, dat een afscheidsceremonie herinneringen oproept aan die keer dat je zelf in zo'n bank zat, terugdacht aan wat je voelde of juist niet voelde, is dit gewoon een event, waar mensen kaartjes voor konden kopen. Ergens klopt het niet, maar stijlvast is het wel. Zijn muziek deed me nooit zoveel, maar dit media-circus volg ik toch met een beetje morbide belangstelling, omdat ik toch het gevoel heb dat het geschiedenis is, waar ik naar zit te kijken. Hij wordt nu bovendien al een week helemaal grijs gedraaid op de radio en mensen struikelen over zichzelf en elkaar om hem de hemel in te prijzen (letterlijk), voor het gemak vergetend dat hij al jaren de 'laughing stock' was van het journaille, een tragisch figuur, een mentaal verward kind, maar wel een kind dat altijd geld opbracht. Zelfs nu nog, en dat is eigenlijk heel erg ziek. Ooit was hij klein, en was het leven ook voor hem één grote belofte.
Amerikanen die in het leger zitten, drinken alleen het zuiverste water. En ze drinken geen arabisch water, en de arabieren drinken geen amerikaans of ander "coalition of the willing"-water... In de woestijn is te weinig water, maar gelukkig kun je tegenwoordig zelfs water importeren uit landen die veel hebben, en nog vrij gemakkkelijk ook. Iets wat de mens vroeger in de karavaantijd natuurlijk niet deed... De moderne mens vindt dit helemaal niet vreemd, ook al is het als je er logisch over nadenkt een beetje zot, hoe er wordt geïmporteerd en geëxporteerd met producten die we soms nodig hebben, maar over het algemeen toch vooral willen, gewoon omdat het kan. Politiek maakt dingen die technisch absoluut geen probleem meer zijn echter toch nog lastig. Nederland heeft heel veel water, maar is tevens onderdeel van de coalition die aan de "opbouwmissies" meewerkt, dus ons water valt af voor dit handelsdoeleind.... Gelukkig voor de mensen die zich in woestijnen bevinden zijn er de neutrale landen. En omdat IJsland neutraal is drinken ze allemaal wel ijslands water, wat weer fijn is voor de nederlandse economie. Huh? Waarom is het nog neutraal water, terwijl het een nederlands bedrijf is dat...? Vaag bericht, want is die omweg geen probleem dan? Dus het is uiteindelijk geen financieel verhaal ? Is men alleen maar bang dat het water misschien wel eens vergiftigd zou kunnen, er uitziet als gewoon water maar ondertussen, net als in de tijd van de Borgias.... IJsland smelt, met 650 liter per minuut, wordt gebotteld en over de hele wereld verscheept. Dat is ook globalisme.... Er bestaan vast nog veel aburdere constructies, maar deze staat zeker in mijn top 5.